4. Titratie van een zwak zuur (ethaanzuur) met een sterke base (natronloog)![]() Een schematisch voorbeeld van het verloop van de titratiecurve voor een zwak zuur met een zwakke base BESCHRIJVING VAN DE TITRATIECURVE
Voor aanvang van de titratie (punt A) is uitsluitend ethaanzuur (azijnzuur) aanwezig, volgens de evenwichtsvergelijking: HAc <=> H+(aq) + Ac-(aq) (hierin is Ac- = CH3COO-) Aanvankelijk is dus een kleine hoeveelheid waterstofionen aanwezig. Bij de eerste geringe toevoeging van OH-(aq) mogen we de reactie beschouwen door de vergelijking: H+(aq)+ {Na+(aq)} + OH-(aq) → H2O + {Na+(aq)} Er treedt competitie op tussen twee geleidingseffecten:
HAc(aq) + OH-(aq) → H2O (aq) + Ac-(aq) Het geleidingsvermogen stijgt ten gevolge van de toenemende ionenconcentratie vanwege toevoeging van Na+-ionen en de toename van de Ac--ionen. Slechts in het begin van de titratie wint effect 1 het van effect 2, zodat in eerste instantie een kleine daling van geleidingsvermogen optreedt. Daarna treedt in het traject BC een stijging op.
Het geleidingsvermogen van de oplossing wordt groter door toename van ionenconcentratie.
Aanwezig: Na+(aq) en Ac-(aq).
Vervolgens wordt een overmaat natronloog toegevoegd. Het geleidingsvermogen neemt verder toe: Op basis van de hierboven beschreven titratiecurve blijkt dat deze bepaling geen scherp omslagpunt oplevert of zelfs niet waarneembaar is. Derhalve is dit soort titraties niet geschikt voor een goede bepaling. |